Spreker: America is not a country – America is a business

‘Waarom werd je Amerikaan?’ is de vaste vraag van iedere bezoeker aan New York. Je had toch ook gewoon Nederlander kunnen blijven? Mijn antwoord luidt steevast: ‘Ik had geen keus. Amerika is een absoluut land, het eet je op of spuugt je uit. Er is geen middenweg hier, geen poldermodel – Amerikaan worden hoort erbij – dit land is als een stoomwals die over je heen raast: als je ja zegt tegen Amerika dan zeg je ja tegen Amerikaans citizenship.


In de Godfather II komt de jonge Vito Andolini in 1901 aan op Ellis Island en wordt daar door de dienstdoende Amerikaanse ambtenaar omgedoopt tot Vito Corleone (de latere Don Corleone). Het is het moment van reinventing yourself dat aan de basis ligt van elke immigrant experience – ook die van mij.
Ruim 100 jaar later was Ellis Island ook voor mij de plek waar ik net als Vito Corleone Amerikaan werd. De ceremonie liep over van oer-Amerikaans sentiment, vlag-gewapper en verhalen over America the greatest. In de authentieke aankomsthal op dat kleine eilandje in de haven van New York is het als nuchtere Hollander moeilijk om niet te denken: this country is great. Amerikanen zijn een stelletje verkopers en zichzelf verkopen doen ze heel goed. En wie dat dit jaar heel goed doet is Donald Trump die zich dit jaar opnieuw heeft uitgevonden als presidentskandidaat, nota bene met de slogan Make America great again.


Trump is als een kameleon. Hij was een onroerend goed magnaat en entertainment tycoon – nu loopt hij rond als toekomstig president. Zijn aanpak past precies bij het advies dat ik kreeg van enkele bekende immigranten die mij voorgingen: ‘Don’t be yourself,’ vertelde Paul Verhoeven mij toen ik hem in Los Angeles vroeg hóe je nu precies Amerikaan wordt. ‘Being yourself is highly overrated,’ zei hij. ‘Verander, ga mee met de stroom en omgeef jezelf met Amerikanen.’ Schud old Europe van je af en vind jezelf opnieuw uit. Twee heuvels verderop in hetzelfde Beverly Hills sprak ik ook met met KISS zanger Gene Simmons die het als immigrant uit Israël nog veel Amerikaanser stelde: ‘I’ll be whoever you want me to be – just pay me.’ Simmons is de ultieme kameleon en hij onderschrijft het onofficiële motto van de VS: America is not a country – it’s a business.
Die transformatie van Europeaan naar Amerikaan neem ik mee in mijn werk als film producent voor HBO, waar ik politieke documentaires maak, maar ook als ik Amerika probeer uit te leggen bij Humberto Tan aan in RTL Late Night of bij EenVandaag als correspondent.


Ik ben daarnaast Verenigde Staten correspondent voor de Belgische VRT en verschillende radio programma’s in Nederland en België. Ik geef vanuit Europees gezichtspunt commentaar bij het Amerikaanse MSNBC en het Franse BFM Business.
Na een jaar ‘studie’ aan de University of Massachusetts en rechten in Amsterdam werkte ik als advocaat bij het kantoor van de Landsadvocaat, Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn. Amerika bleef trekken en ik besloot om in New York te gaan werken met RTL 4 correspondent Max Westerman. Dat was in 2000, het jaar van de presidentiële verkiezingen Bush vs. Gore. Bij terugkomst in Nederland zag ik de politieke documentaire Journeys With George, over George W. Bush tijdens diezelfde campagne en in Café De Balie raakte ik in gesprek met de Amerikaanse maakster, Alexandra Pelosi. Het klikte en ik vertrok naar Amerika in 2003 waarna Alexandra en ik samen het presidentiële campagne pad opgingen voor een HBO documentaire over de tegenstander van George Bush in de ‘04 verkiezingscyclus, John Kerry. Sindsdien heb ik meegewerkt aan 5 politieke documentaires en werd daarnaast politiek commentator voor Nederlandse radio & TV. Ik maakte voor de VPRO en VRT een 7-delige serie My America.


Toen mijn schoonmoeder Nancy Pelosi in 2006 Voorzitter van het Huis van Afgevaardigden werd kreeg ik een echte inside look into American politics. Ik ontmoette president Bush bijvoorbeeld tijdens zijn jaarlijkse White House BBQ: So you’re the man from Amsterdam!, riep die dan in ‘zijn’ achtertuin. ‘Neem niet het tafelzilver mee.’ Dat was Bush, Obama is veel keuriger (en een tikje saaier) in de omgang. Voor hem is handen schudden onderdeel van de baan, het is een haast zakelijke transactie die hoort bij zijn baan als president. Ik zie de transactionele Amerikaanse politiek heel duidelijk tijdens de tientallen fundraisers die ik jaarlijks bezoek met mijn schoonmoeder. Het is allemaal materiaal voor mijn lezingen over de politieke en business cultuur in de VS onder het motto: America is not a country – it’s a business.