Het is niet zo druk meer in de rivierenbuurt in Amsterdam

Han Leenhouts

Met het uitkomen van mijn nieuwe boek en een serie lezingen in Sao Paulo had ik het genoegen om mijn weerspiegelingen van de markt te doen. Daar kwam vervolgens nog een vraag van clcvecta (branchevereniging livecommunicatie sector) bij om mee te doen aan een onderzoek over livecommunicatie in 2025.

Alle reden om er eens voor te gaan zitten en te bedenken waarom ik zojuist weer vele duizenden euro’s in een boek voor deze markt heb gestoken.  Het zijn ten slotte heel aparte tijden, nietwaar.

En toen stuitte ik vanuit een heel aparte hoek op een signaal. Een hard en niet te ontkennen signaal. De vader van een van mijn collega trainers woont in Amsterdam aan de Kennedylaan. Zijn vraag was aan zijn dochter: “Gaat het wel goed met de beurzen?”. Zijn dochter vroeg: “Hoezo Pap?”, waar vader op antwoordde: “Nou vroeger konden we bij de geringste beurs onze auto niet meer kwijt en liepen er mannen met hesjes te controleren of je wel in de wijk woonde. Dat is niet meer zo. Alleen bij de top-3 Amsterdamse publieksevenementen is het nog echt druk maar verder niet meer.”. Een bekende ontwikkeling.

Dit sluit naadloos aan bij een paar bekende trends: bezoekers worden ouder, er gaan er steeds minder naar een beurs en ze blijven korter. En wellicht maken ze meer gebruik van OV. Op zich is er de tegentrend dat er weliswaar minder maar ook betere bezoekers komen die meer gericht zijn en dus wel heel interessant . Zie ook de uitwas van niche beurzen.

Verder waren alle vraagstellers reuze benieuwd naar de invloed van social media. Net als 10 jaar geleden zou de angst voor internet als grote space-invader met getwitter, ge-facebook, gelinkedin, gexing, geinstagram, gefoursquare en gehyve het einde der tijden inluiden. Welnu, deze angst leek mij ongegrond want mits goed aangepakt kan het een enorme versterking zijn. Er ontstaan zelfs bureaus die zich op de overlapping van deze wereld richten.

Wat wel een gevaar is van social media is dat mensen in de leeftijd 18 tot 28 veel minder in staat zijn om echt aan livecommunicatie te doen. Een gesprek aanknopen en voeren is verworden tot een paar swipe bewegingen en getik op een retinascherm. Ik heb ze vaak in training en dat is echt schokkend. Ja eeeh mijnheer dat ga ik niet doen hoor zo direct op iemand af. Relax man geef iedereen de ruimte. Volslagen serieus om vervolgens weer eens lekker te Twitteren of een leuk meisje via Facebook te pingen of ze mee wil dansen. Dat is echt iets waar ik het antwoord ook niet direct op heb. Los van een spiegel voorhouden en het voordoen. Daarom ook mijn nieuwe boekJ.

En er is nog meer de hand. Complete vraaguitval bij beurzen met meerdere hallen tegelijk. En dan is de keuze. Toch kunnen zeggen dat je een beurs van 4 hallen hebt met vervolgens een setje Damraks en Coolsingels ertussen waardoor die kleinere stroom bezoekers verder van de stands kunnen lopen en het er ook minder lijken. Of gewoon lekker de knusse straatjes waar je ook langzamer loopt en altijd benieuwd bent wat er verderop weer is omdat je dat niet direct kunt zien.

Daar mogen de retailgeleerden zich over buigen… of worden die nooit geraadpleegd door onze wereld.

Los van alle trends is het de manier waarop we daar mee omgaan het belangrijkste. Hoe reageren we, vanuit de diverse rollen die we hebben, op deze ontwikkelingen. En daar moet ik eerlijk zijn: ook ik heb wel eens mijn bedenkingen. Ik krijg de indruk dat iedereen het wel ziet, maar nog sterk vanuit zijn eigen positie naar de materie kijkt. Een beursaccountmanager biedt nog wat extra kaarten , vip indien gewenst, aan een afhalende exposant. Of een organisatie geeft je 10 meter extra voor het geld van 40 meter. Overigens zie je ook de andere kant, namelijk een cap op de meters om de budgetten te beperken. De verkoper bij de standbouwer belt het hele beursboek na met de vraag of u nog een standbouwer zoekt. Heeft weinig tot geen harde argumenten. Of juist het tegenovergestelde en dan gaan ze met enorme concepten en waardetoevoeging aan de keten werken. Klanten snappen dat niet maar het management is vaak zeer trots. Ook de verenigingen zijn weinig eensgezind en zien slechts een rol op CAO-vlak over samen beter inkopen.

Maar we vergeten de klanten te vaak. Wat wil hij? Hoe maken we hem blij en hoe melden we hem dat op een manier die hij snapt. En hoe laten we in alle geledingen van de branche merken dat we het niveau hebben om ook een geode gesprekspartner te zijn. Te veel alleen en te weinig echt samen is de samenvatting. Als we willen dat de Kennedylaan weer volloopt en de hesjes weer in de buurt terugkeren moeten we dingen samen doen. Wat roepen ze in Den Haag? Bruggen bouwen. Maar echte urgentie bespeur ik nog niet.

Ik sluit niet uit dat er een beweging komt van enthousiaste mensen uit het vak die ongevraagd een mening gaan vormen, krachten bundelen en de uitkomsten gaan uitdragen. Ben er namelijk al voor gevraagd. Positief bedoeld en uit liefde voor het vak.